De viool en de altviool lijken sterk op elkaar. Beide behoren tot de strijkinstrumentenfamilie, worden onder de kin gehouden en met een strijkstok bespeeld. Twee muzikale zussen die nauwelijks emotioneler en betoverender zouden kunnen klinken. Toch zijn er fundamentele verschillen tussen viool en altviool die elk instrument een geheel eigen karakter geven.
Van diep doorleefd tot impulsief
Los van alle verschillen delen viool en altviool een enorme muzikale expressiviteit, waardoor ze onmisbaar zijn in orkesten, kleine ensembles en als solo-instrument. Door haar grotere formaat klinkt de altviool lager dan de viool. Waar de viool een sopraaninstrument is, geldt de altviool als altsinstrument. De klank van een altviool wordt vaak omschreven als warm, zacht en diep doorleefd. De viool daarentegen is het hoogst klinkende lid van de strijkfamilie. Haar impulsieve, briljante klank stijgt boven alle andere instrumenten uit en maakt haar bij uitstek geschikt om de melodie te voeren.
Altviool en viool – eigen taken
Hoe nauw verwant de twee instrumenten ook zijn, ze hebben elk een uitgesproken karakter, worden verschillend ingezet en krijgen binnen een ensemble zelden dezelfde rol toebedeeld. Het belangrijkste domein van de altviool is de kamermuziek. In het orkest vervult zij een essentiële rol als klankmatige schakel tussen viool en cello – een soort muzikale lijm. Wanneer zij melodieën speelt, fungeren die doorgaans als verbinding tussen de hogere violen, de lagere cello’s en de contrabassen. In orkestrale arrangementen staat juist de hoog klinkende viool vaak in de schijnwerpers. Uiteraard gaat ook zij op in het totaalgeluid – als volledige sectie of als solist. Maar fungeren als ‘klanklijm’ is niet haar primaire taak. De viool wijst de weg en stijgt met haar melodielijnen boven het ensemble uit.
De oorsprong van de huidige altviool: viola da braccio
Voordat we ingaan op de verschillen tussen viool – in de volksmond ook wel fiddle genoemd – en altviool, moeten we eerst kijken naar twee verschillende soorten viola’s. Laten we dat eerst uit de weg ruimen voordat de verschillen tussen viool en altviool voor verwarring zorgen. De term “viola” is afgeleid van het Italiaanse “viola da braccio”, wat letterlijk “armviool” betekent. Dit instrument wordt net als een viool onder de kin gehouden en is de standaard wanneer we het vandaag de dag over de altviool hebben.
De “andere” viola is de “viola da gamba” ofwel de “gamba” (ook bekend als knieviool of schootviool) en – je raadt het al – wordt op een volledig andere manier bespeeld. De viola da gamba heeft bovendien meer snaren, een andere stemming en is technisch behoorlijk veeleisend. Tegenwoordig wordt de gamba nog maar zelden gebruikt; het is een historisch instrument dat we bij het vergelijken van moderne violen en altviolen verder buiten beschouwing kunnen laten.


© Wikipedia
Kleine zus en grote zus – een magische symbiose
De klankkast van een 4/4-viool is doorgaans ongeveer 35 tot 36 centimeter lang. Voor altviolen bestaat daarentegen geen vaste standaardmaat, maar ze zijn meestal zo’n 2,5 tot 10 centimeter langer dan violen. Hoewel er instrumenten verkrijgbaar zijn met een corpuslengte tussen 38 en 47 centimeter, ligt de meest gangbare maat tussen 40,5 en 43 cm. Voor kinderen en jongeren worden violen soms bespannen met altvioolsnaren om in een kleiner formaat een vergelijkbare klank te bereiken.
Het meest voor de hand liggende verschil tussen viool en altviool is dus hun formaat. De viool is in vergelijking aanzienlijk kleiner. En nee, ze is niet gekrompen in de wasmachine, maar is bewust zo ontworpen om klanktechnische redenen: het kleinere formaat zorgt voor een specifiek, hoger timbre.

Viool en altviool spelen als beginner
Gelukkig zijn zowel de viool als de altviool verkrijgbaar in kleinere maten die geschikt zijn voor kinderen. Zelfs een 4/4-viool kan voor kinderhanden te groot zijn, en de grotere altviool al helemaal. Dankzij kleinere 7/8-, 3/4-, 1/2-, 1/8- en andere zogenoemde fractionele maten kunnen kinderen probleemloos hun eerste stappen zetten op viool of altviool.
Bij altviolen wordt meestal niet met fractionele maten gewerkt. Om een passend instrument te vinden, kunnen jonge leerlingen zich in plaats daarvan richten op inch-maten, zoals bijvoorbeeld 12, 13 of 14 inch. Twaalf inch komt overeen met 30,48 centimeter, wat opnieuw resulteert in een instrument dat duidelijk kleiner is dan een 4/4-viool.
Violen
Redactietip: de Roth & Junius RJV-A Antiqued Violin is een zorgvuldig vervaardigd instrument van hoogwaardige Europese houtsoorten. Het massieve sparren bovenblad en de esdoorn achter- en zijkanten en hals zorgen voor een rijke, resonante klank. De viool is bespannen met Larsen Aurora-snaren, bekend om hun warme en responsieve karakter. De dunne lak in antieke stijl onderstreept visueel het warme timbre van het instrument. In onze werkplaats wordt elke viool nauwkeurig afgesteld, zodat hij volledig speelklaar en direct inzetbaar wordt geleverd. Een betrouwbare keuze voor beginners en gevorderde spelers die echte klank en vakmanschap in één pakket zoeken.
Roth & Junius
RJV-A Antiqued Violin Set 4/4
Altviolen
🎻 bekijk alle violen en altviolen 🎻
Snaren, stemming en hun invloed op de speelstijl
Zowel de viool als de altviool hebben vier snaren. Maar ga er niet van uit dat ze “bijna identiek” zijn – dat zijn ze zeker niet. Concreet betekent dit dat de altviool een kwint lager is gestemd dan de viool. Dat houdt ook in dat de snaren van de altviool dikker zijn dan die van de viool, wat invloed heeft op de speelwijze. De dikkere snaren van de viola da braccio vereisen een snellere hand, een actievere streekvoering en meer strijkstokgewicht.




🎻 bekijk alle accessoires voor violen 🎻
De viool en altviool stemmen
De snaren van de viool worden in kwinten gestemd op de tonen g | d1 | a1 | e1. Het is gebruikelijk om eerst de A-snaar op 440 Hz te stemmen, daarna de D-snaar, vervolgens de G-snaar en tot slot de E-snaar.
Ook bij de altviool worden de vier snaren in kwinten gestemd, namelijk op c | g | d1 | a1. De drie hoogste snaren van de altviool komen overeen met de drie laagste snaren van de viool.




Ondanks de verschillende stemming begin je bij het stemmen van de altviool eveneens met de A-snaar. Die fungeert vervolgens als referentietoon voor de overige snaren. Let er bij het stemmen van beide instrumenten op dat de kam niet richting de toets verschuift of anderszins scheef komt te staan. Overigens moet de laatste beweging van de stemsleutels bij het stemmen van viool of altviool altijd een opwaartse beweging zijn. Zo blijft het instrument beter op stemming.
🎻 bekijk alle accessoires voor altviolen 🎻
Viool- en altvioolpartijen lezen: sopraan- of altsleutel
Een ander verschil tussen viool en altviool is de sleutel waarin de twee instrumenten worden genoteerd, gespeeld en gelezen. De viool wordt genoteerd in de vioolsleutel (ook wel G-sleutel genoemd), terwijl de altviool in de altsleutel wordt geschreven.

Dat betekent dat je bij het wisselen tussen viool en altviool even moet omschakelen wat betreft het notenlezen. In de praktijk vormt dit echter zelden een groot probleem, temeer daar de vingerzettingen – afgezien van de onderlinge afstanden op de toets – vrijwel identiek zijn.
Uit muzikale overtuiging – wij hebben ze allemaal
Wisten we al te vermelden dat je bij ons het complete assortiment violen en altviolen in uiteenlopende maten en uitvoeringen van populaire merken ontdekt – en dat geen enkel instrument ons magazijn verlaat zonder controle door onze eigen vioolbouwers? Viool en altviool spelen is een fascinerend avontuur. Je moet het ervaren en beleven.
Viool en altviool: jouw feedback
We wensen je veel speelplezier met viool of altviool – haal eruit wat erin zit! Laat ons in de reacties weten hoe het gaat met je vooruitgang en successen!

Reacties 1